5 Inoefenen woordpakket 4 (4a-2)

Gatenvuloefening

Vul de gaten in. Druk dan op "Antwoord controleren" om je antwoorden te controleren.

1. Schrijf de woorden in het enkelvoud.
diploma's ----
ski's -----------
foto's ----------
menu's -------
piano's -------
auto's ---------
pyjama's -----
paraplu's -----
kiwi's ----------
zebra's --------
logo's ----------

2. Schrijf de woorden in het meervoud.
café -------- --------- kanarie -------------
familie ----- --------- ski -------------------
materiaal - ---------- studie --------------
dirigent ---- --------- liniaal ---------------
menu ------- --------- coupé ---------------
machine --- --------- diploma -------------
Schrijf de meervouden met 's in alfabetische volgorde.
-- --

3. Werkwoorden. Gebruik je schema (t.t.).
verslinden --- Met één hap de leeuw zijn prooi.
betalen ------- jij aan de kassa?
uitzenden --- Ik een dringende boodschap .
verlaten ------ Jullie onmiddelijk het gebouw.
gebeuren ---- Dit altijd als ik afwezig ben.
vastbinden -- Aan een boom hij het kalf .
inhalen ------- Met een hoge snelheid hij me .
geloven ------ Je me toch niet!
oppeuzelen - Met smaak ik een kippenbout .
overhalen ---- An hem het toch maar te doen.

De Robbert vijfde leerjaar I. Umans